Opzet van het programma

Algemeen

Deelnemers ontwikkelen - en geven leiding aan -  een verandering in hun dagelijkse praktijk. Als leidraad gebruiken we het tetra-model van Schuiling en Vermaak, de ‘triple process’ structuur en de drie-dimensiemodel om deelnemers te helpen om dit proces te ontwerpen.
De deelnemers zullen zelf onderzoek doen door het verzamelen van data over hun interventieproces,  door middel van het bijhouden van een dagboek, het afnemen van interviews en het uitnodigen van waarnemers.

  • De leergang is opgebouwd in vier modules van 2 x 2 en 2 x 3 dagen
  • De leergang telt 20-24 deelnemers
  • Deelnemers nemen bij voorkeur deel aan het programma in koppels van twee. Zij werken samen aan een onderzoek in hun werkomgeving
  • Docenten komen ook in koppels: twee docenten in elke sessie
  • De deelnemers zullen elk twee of drie dialogen met academische onderzoekers organiseren en uitvoeren in het programma.
  • Een belichaamde cognitieoefening in elke driedaags seminar
  • De deelnemers zullen de kennis die ze hebben ontwikkeld aan mensen van een ander bedrijf of professionele achtergrond presenteren.


Groepssessies

De deelnemers werken in groepen van vijf tot zes deelnemers in elk seminar om elkaar te helpen met:

  • Evalueren de voortgang van hun onderzoeksproces
  • Elkaar ondersteunen bij het analyseren van de gegevens om het inzicht in het verband tussen situaties en actiestrategieën te verbeteren
  • Selecteren van relevante academische publicaties die kunnen helpen om het denken over zowel de probleemsituatie en de actie-strategie te structureren.
In elke module zijn twee dagdelen gewijd aan deze groepssessies. Elke groep is voorzien van zijn eigen begeleider ( de ‘onderzoeksconsultant'). De onderzoeksconsultant doet de intake voor zijn/ haar groep en is beschikbaar voor een uur voor individuele consulting (of twee uur voor koppels van 2 deelnemers)