Carrières, clusters en arbeidsmobiliteit: de invloed van psychologische mobiliteit en de ondersteuning van werknemers door bedrijven.

Prof. dr. Svetlana Khapova

Samenwerking tussen bedrijven kan bijdragen aan de ontwikkeling van een meer autonome carrièrementaliteit van werknemers, een fenomeen dat ook wel de opbouw van ‘carrièrekapitaal’ wordt genoemd. Een hogere mate van carrièrekapitaal leidt tot meer psychologische mobiliteit, dat wil zeggen, meer vertrouwen in de eigen carrièremogelijkheden. Bedrijven kunnen hierop inspelen door met de juiste organisatorische steun de werknemers vast te houden, omdat deze in een ondersteunende omgeving vaak op hun huidige positie blijven zitten – juist omdat zij weten dat zij een andere baan kunnen vinden. Een lagere mate van steun vanuit de organisatie kan daarentegen leiden tot een hogere mobiliteitsambities van het personeel. Dit blijkt uit een recent verschenen studie van Jean-Denis Culié [i], Svetlana Khapova [ii] en Michael B. Arthur [iii].      

In het onderzoek is specifiek gekeken naar de carrièreontwikkelingen in regionale bedrijfsclusters. Deze branchecursorische, innovatiegedreven clusters, waarvan het Californische Silicon Valley een goed voorbeeld is, worden in toenemende mate beschouwd als belangrijke aanjagers van economische groei en innovatie. Dit vraagt om meer inzicht in de carrièrepatronen van werknemers die in een dergelijk verband werkzaam zijn. Tot dusver is bij het bestuderen de mobiliteitspatronen van werknemers in regionale clusters vooral onderzoek gedaan naar de fysieke mobiliteit van individuen, ofwel de daadwerkelijke transitie naar een andere organisatie. Hierbij werd echter amper ingegaan op de psychologische mechanismen en processen die aan deze fysieke mobiliteit ten grondslag liggen.

Het doel van dit onderzoek was dan ook om duidelijkheid te verschaffen over de vraag welk effect de deelname aan een samenwerkingsverband tussen bedrijven in regionale clusters heeft op de carrières van individuele werknemers en wat de consequenties hiervan zijn op de perceptie van hun psychologische mobiliteit. Om een antwoord op deze vraag te vinden werd een kwalitatieve studie opgezet onder tweeënveertig wetenschappers die betrokken waren bij de samenwerkingsverband van bedrijven onder de naam ‘Minalogic’, in het Franse Grenoble. Dit consortium was als geheel verantwoordelijk voor het opzetten van een duurzaam technologisch centrum, dat een combinatie van micro-nanotechnologiebedrijven en computersoftwareproducenten zou moeten huisvesten die zich zou richten op de ontwikkeling van technologisch hoogstaande producten en technieken.

Van de tweeënveertig deelnemers aan het onderzoek waren er dertig direct betrokken bij gezamenlijke projecten in het kader van het Minalogic-project. De overige twaalf werknemers werkten samen met collega’s die deelnamen aan het samenwerkingsverband. Uit de data, die over de periode van vijftien maanden in twee gespreksrondes is verzameld, blijkt dat de samenwerking met andere bedrijven een toenemende besef van carrièrekapitaal tot gevolg heeft. Dit opgebouwde carrièrekapitaal geeft de werknemers meer zelfvertrouwen in hun psychologische mobiliteit. De samenwerking in het consortiumverband had een verhoogde persoonlijke reputatie binnen het cluster tot gevolg en toegang gegeven tot nieuwe carrièremogelijkheden.

Tevens bleek dat een verhoogd gevoel van psychologische mobiliteit bij werknemers leidt tot meer tevredenheid en plezier in het werk. Indien de werkgever daarnaast voldoende investeert in de carrière van de werknemers in kwestie, leidt een grotere mate psychologische mobiliteit van het personeel niet automatisch tot een toenemende behoefte om van baan te veranderen. Het onderzoek laat namelijk zien dat werknemers graag bij hun huidige werkgever blijven, ook als ze weten dat ze weg zouden kunnen. De combinatie van een positieve perceptie van de eigen carrièremogelijkheden en een voldoende steun vanuit de organisatie voor de werkzaamheden in het kader van het bedrijfscluster geeft de werknemer in veel gevallen een gevoel van tevredenheid over de ontwikkeling van zijn loopbaan. Daarentegen kan een gebrek aan steun vanuit de organisatie bij individuen met een hoogontwikkeld carrièrekapitaal leiden tot het overwegen van verdere carrièrestappen. De conclusies van dit onderzoek bieden meer inzicht in de ontwikkelingen van carrières in deze belangrijke, maar onderbelichte context van de regionale bedrijfscluster en onderstrepen het belang van een adequate ondersteuning van de activiteiten die werknemers in het kader van het bedrijfscluster uitvoeren.



[i] Ecole de Management de Normandie, 9 rue Claude Bloch, 14000 Caen, France
[ii] Faculty of Economics and Business Administration, VU University Amsterdam, De Boelelaan 1105, 1081 HV Amsterdam, The Netherlands
[iii] Sawyer School of Management, Suffolk University, 8 Ashburton Place, Boston, MA 02108, USA